Skip to main content
{{Cart.NumberOfCartItems}} 0

Met de flip chip kunnen rijders snel de geometrie van hun mountainbike met Maestro-vering veranderen om het rijgedrag aan te passen aan de omstandigheden of het terrein. Rijders kunnen de balhoofd-/zitbuishoek plus de bottom-brackethoogte aanpassen via een excentrische (offset, twee posities) verstelmogelijkheid in de bovenste rocker-arm.

HOE WERKT HET?

Deze verstelmogelijkheid biedt rijders twee posities om uit te kiezen: hoog en laag.

  1. Hoge positie. Als de flip chip in de hoge positie staat, worden de balhoofd- en zitbuishoek 0,7 graden steiler en komt het bottom bracket 10 mm hoger te liggen.
  2. Lage positie. Als de flip chip in de lage positie staat, worden de balhoofd- en zitbuishoek 0,7 graden vlakker en komt het bottom bracket 10 mm lager te liggen.

WAT VERANDERT ER IN MIJN RIJGEVOEL?

Hoge positie:

Vanuit het perspectief van de rijder zorgt een steilere balhoofdhoek ervoor dat de fiets sneller reageert. Een steilere zitbuishoek zet de rijder in een agressievere klimhouding. Bovendien zorgt het hogere bottom bracket voor meer bodemvrijheid van de pedalen waardoor je langer kunt blijven doortrappen over rotsen en boomwortels. De hoge positie is de voorkeursinstelling voor trager, meer technisch terrein met krappe bochten.

Lage positie:

Door een vlakkere balhoofdhoek is de fiets stabieler bij hoge snelheden en krijg je meer zelfvertrouwen op steiler terrein omdat het voorwiel iets verder naar voren staat. Daarnaast zorgt een lager bottom bracket voor een lager zwaartepunt voor zowel fiets als rijder waardoor het geheel nog stabieler aanvoelt. De lage positie is ideaal voor sneller, meer open terrein.